Verslag Eurogroep en Ecofinraad 19 en 20 januari 2026
Bijlage
Nummer: 2026D03270, datum: 2026-01-26, bijgewerkt: 2026-01-26 13:18, versie: 1
Directe link naar document (.docx), link naar pagina op de Tweede Kamer site.
Bijlage bij: Verslag Eurogroep en Ecofinraad 19 en 20 januari 2026 (2026D03269)
Preview document (🔗 origineel)
Verslag Eurogroep en Ecofinraad 19 en 20 januari 2026
Eurogroep
Update Eurotoetreding Bulgarije
De Bulgaarse minister gaf een update over de invoering van de
euro in Bulgarije per 1 januari 2026. De invoering is goed verlopen en
ook de omloop van de munten is op orde. De Europese Commissie (de
Commissie), de Europese Centrale Bank (de ECB) en het Europees
Stabiliteitsmechanisme (het ESM) lichtten eveneens toe dat zich bij de
invoering geen noemenswaardige problemen hebben voorgedaan.
Eurozoneaanbevelingen 2026
De Eurogroep had een korte discussie over de
eurozoneaanbevelingen, die in november gepubliceerd zijn als onderdeel
van het Herfstpakket. In de aanbevelingen worden de gezamenlijke
(beleids-)uitdagingen voor de eurozone geïdentificeerd. Die zien op het
versterken van het vermogen van de eurozone om op externe schokken te
reageren, kansen voor groei te benutten, en de stabiliteit te
versterken. De aanbevelingen bieden een kader om (onder andere in de
Eurogroep) gesprekken te voeren over de prioriteiten voor de
eurozone.
De aanbevelingen konden op steun rekenen van de eurolanden, waarbij enkele lidstaten opriepen tot een duidelijker accent op integratie van financiële markten naast reëel economisch beleid. Sommige lidstaten gaven aan de voorkeur te geven aan minder aanbevelingen in plaats van de huidige veertien, om op deze manier focus aan te brengen in de discussie. De aanbevelingen zullen bij de Ecofinraad van februari worden goedgekeurd. Daarop volgt bekrachtiging door de Europese Raad in maart, en formele instemming met de aanbevelingen in de Ecofinraad van april.
Het kabinet neemt op veel van de thema’s die de Commissie in haar aanbevelingen noemt reeds actie. Zo is het kabinet met een nieuwe aanpak regeldruk gekomen op 5 september jl.1 Daarbuitenom werkt het kabinet al langer aan de aanpak van onnodige regeldruk, ook in EU-verband, met het actieplan Minder Druk Met Regels2. Ook heeft de heer Wennink op verzoek van het kabinet een rapport uitgebracht met aanbevelingen om het investeringsklimaat en verdienvermogen in Nederland te versterken. Het kabinet heeft aangegeven ambitieuze stappen te willen zetten om de Europese kapitaalmarktunie te versterken door in te zetten op sterker Europees toezicht, meer en divers aanbod van kapitaal voor de financiering van bedrijven en eenduidige regels in de EU voor een optimale werking van de interne markt.3
Terugkoppeling van de G7-besprekingen
Frankrijk gaf als voorzitter van de G7-landen een
terugkoppeling van recente vergaderingen van de G7. Ook kondigde
Frankrijk een bijeenkomst aan van de ministers van Financiën van de
G7-landen op 22 januari.
Naar aanleiding van deze terugkoppeling vroegen meerdere landen aandacht voor de opstelling van Verenigde Staten inzake Groenland. Lidstaten uitten zorgen over de ontwikkelingen ten aanzien van Groenland. Meerdere landen riepen op tot eenheid binnen de Eurogroep en de Europese Unie, en binnen internationale gremia zoals de G20 en het Internationaal Monetair Fonds (IMF). Meerdere eurolanden onderstreepten dat de Eurogroep een rol heeft in toekomstige discussies. Ook gaven meerdere landen aan open te staan voor analyses over de mogelijke implicaties van de geopolitieke ontwikkelingen op de Europese economie. Nederland noemde de door de president van de Verenigde Staten aangekondigde tarieven onwenselijk en onderstreepte het belang dat communicatie over eventuele tegenmaatregelen vanuit de Europese Unie geloofwaardig moet zijn.
Selectieproces van de ECB vicepresident
De Eurogroep sprak over de kandidaten voor het
vicepresidentschap van de Europese Centrale Bank (ECB) en heeft de
Kroatische kandidaat Boris Vujčić voorgedragen aan de Raad van de
Europese Unie (de Raad). Vujčić is momenteel president van de Kroatische
Centrale Bank. De vicepresident zal naar verwachting in maart worden
benoemd door de Europese Raad op aanbeveling van de Raad.
Ecofinraad
Werkprogramma Cypriotisch voorzitterschap
Cyprus is in de eerste helft van 2026 de voorzitter van de Raad van de
Europese Unie. Het Cypriotisch voorzitterschap presenteerde het
werkprogramma voor deze periode.
Economische en financiële impact van de Russische agressie tegen
Oekraïne
De Ecofinraad wisselde van gedachten over de economische en financiële
impact van de Russische agressie tegen Oekraïne en over Europese
steunmaatregelen. De Commissie lichtte toe dat met het akkoord in de
Europese Raad van december jl. voor een lening van Oekraïne van 90
miljard euro (de Ukraine Support Loan), bij de huidige aannames
twee derde van de noden in 2026 en 2027 zoals berekend door het IMF en
de Europese Commissie zijn gedekt. De overige een derde moet volgens de
Commissie komen van overige internationale partners. De Commissie
lichtte verder toe dat de Europese Unie op 22 december jl. 2,3 miljard
euro uit de Oekraïne-faciliteit aan Oekraïne heeft uitbetaald. Daarnaast
heeft de Commissie op 13 november de tiende en tevens laatste tranche
van het EU-aandeel in de ERA-leningen verstrekt aan Oekraïne, met een
omvang van 4,1 miljard euro. De totale uitbetaling onder deze faciliteit
bedraagt daarmee ongeveer 25 miljard euro. De Commissie meldde dat Japan
een uitbetaling onder de ERA-leningen zal vervroegen, naar de eerste
helft van 2026.
De Commissie lichtte voorts toe dat er vorige week een bezoek van IMF Managing Director Georgieva aan Oekraïne heeft plaatsgevonden over het nieuwe IMF-programma voor Oekraïne. De verwachting is dat de raad van bewind van het IMF begin februari een besluit over het programma neemt. Lidstaten van het IMF is gevraagd om financing assurances af te geven, waarmee zij toezeggen Oekraïne financieel te zullen blijven steunen en zorg te zullen dragen voor de schuldhoudbaarheid van Oekraïne. Meerdere lidstaten, waaronder Nederland, hebben inmiddels toegezegd deze financing assurances af te geven.
Ten aanzien van de economische situatie in Rusland meldde de Commissie dat de sancties op Russische olie effect sorteren, met neerwaarts effect op de olieprijs. De Russische publieke financiën staan onder toenemende druk, en de Commissie verwacht dat de Russische overheid op termijn geconfronteerd wordt met de keuze om te bezuinigen of belastingen te verhogen.
In hun interventies gingen lidstaten voornamelijk in op de wetgevende voorstellen voor de Ukraine Support Loan. Lidstaten waren eensgezind in de oproep tot een spoedige implementatie van de leningen, gegeven de urgente financieringsnoden van Oekraïne. Een groot deel van de lidstaten, waaronder Nederland, gaf daarnaast aan dat de dekking van de rentelasten die in 2026 en 2027 ontstaan door de leningen aan te gaan op de kapitaalmarkt, en die niet zullen worden doorbelast aan Oekraïne, moet worden gezocht onder het huidige plafond van het Meerjarig Financieel Kader. Een deel van de landen wees ook op het belang van blijvende betrokkenheid van de G7-landen en andere internationale partners om de resterende noden van Oekraïne te dekken. Daarnaast onderstreepte een deel van de lidstaten, waaronder Nederland, het belang van voldoende flexibiliteit in de militaire bestedingen van de leningen door Oekraïne. Tot slot gaven meerdere lidstaten, waaronder Nederland, aan de druk op Rusland op te willen voeren door het aannemen van een volgend sanctiepakket.
De Kamer zal binnenkort nader worden geïnformeerd over de voorstellen van de Commissie voor de Ukraine Support Loan en de positie van het kabinet.
Uitvoeringsbesluiten van de Raad onder de Herstel- en
Veerkrachtfaciliteit (HVF)
De Raad stemde in met de uitvoeringsbesluiten die leiden tot
wijzigingen van de Herstel- en Veerkrachtplannen van Finland, Ierland,
Duitsland, Spanje, Zweden en Nederland.
Europees Semester 2026: goedkeuren van de conclusies Alert Mechanism
Report
De Raad stemde in met de Raadsconclusies over het Alert
Mechanism Report.
Implementatie Stabiliteits-en Groeipact – Beoordeling
buitensporige tekorten
De Raad heeft ingestemd met het openen van een
buitensporigtekortprocedure voor Finland. De Raad heeft tevens ingestemd
met een aanbeveling aan Finland voor een netto-uitgavenpad om het
buitensporige tekort uiterlijk in 2028 te beëindigen. In de aanbeveling
stelt de Raad dat Finland uiterlijk 30 april 2026 effectieve maatregelen
moet nemen om het tekort te verminderen.
Overig
Appreciatie motie van het lid Hoogeveen nieuwe eigen
middelen
Bij de behandeling van het belastingplan in de Tweede Kamer op
25 november 2025 diende het lid Hoogeveen een motie in ten aanzien van
de voorstellen van de Commissie voor nieuwe eigen middelen. De motie is
aangehouden, omdat deze niet ging over het belastingplan, maar over de
onderhandelingen over het Meerjarig Financieel Kader (MFK) en het nieuwe
eigenmiddelenbesluit (EMB). Via deze weg ontvangt u een appreciatie van
de motie van het kabinet.
De motie stelt dat de voorstellen voor nieuwe eigen middelen van de Europese Commissie leiden tot een structurele verschuiving van fiscale bevoegdheden van de lidstaten naar de Europese Unie en verzoekt de regering om in de onderhandelingen over het MFK als Nederlandse inzet uit te dragen dat uitbreiding van Europese eigen middelen voor Nederland geen optie is.
Het MFK wordt volgens het verdrag betreffende de werking van de Europese Unie gefinancierd door eigen middelen. De bestaande eigen middelen zijn de traditionele eigen middelen (douanerechten), de btw-afdracht, plastic-afdracht en bni-afdracht. De Commissie stelt in het voorstel voor een nieuw eigenmiddelenbesluit vijf nieuwe eigen middelen voor. Eigen middelen zijn typen bijdragen van de lidstaten aan de Europese begroting. Het totaal aan eigen middelen bepaalt de verdeling van de nationale afdrachten over de lidstaten. Dit heeft niet direct impact op de omvang van de Europese begroting, die wordt namelijk bepaald door het MFK. Er is geen sprake van belastingheffing door de Europese Unie. Het eigenmiddelenbesluit geeft de Europese Unie geen zelfstandige belastingbevoegdheid en er is dus geen sprake van een verschuiving van fiscale bevoegdheden van de lidstaten naar de Europese Unie. Om deze redenen wordt de motie ontraden.
Ik verwijs u hierbij ook naar de inzet van het kabinet ten aanzien van de voorgestelde nieuwe eigen middelen in de kabinetsappreciatie van de voorstellen voor het MFK en het nieuwe eigenmiddelenbesluit. Het kabinet heeft aangegeven dat het nieuwe eigen middelen niet bij voorbaat kan omarmen, maar dat alle voorstellen op eigen merites worden beoordeeld. Het kabinet heeft daarbij wel aangegeven een zeer kritische grondhouding te hebben ten aanzien van het voorgestelde nieuwe eigen middel dat gebaseerd is op een afdracht die lidstaten zouden innen bij ondernemingen met een jaaromzet van meer dan 100 miljoen euro, als bijdrage voor het mogen opereren op de interne markt.
Bij de beoordeling van individuele voorstellen voor nieuwe eigen middelen neemt het kabinet verschillende factoren in overweging. Het kabinet kijkt hierbij naar het (netto-)effect op de Nederlandse afdrachten aan de EU, met als ijkpunt de mate waarin het voorgestelde eigen middel resulteert in een hogere of lagere afdracht ten opzichte van de bni-verdeelsleutel. De vergelijking met deze bni-verdeelsleutel is relevant, omdat de bni-afdracht fungeert als sluitpost van de financiering van de EU-begroting. Het Nederlandse bni-aandeel binnen de EU bedraagt op dit moment 6,4%. Deze verdeelsleutel is hoger dan bij een aantal van de voorgestelde nieuwe eigen middelen, bijvoorbeeld ETS en CBAM. In de beantwoording van het schriftelijk overleg van 10 november jl. is aangegeven dat de meeste door de Commissie voorgestelde nieuwe eigen middelen voor Nederland financieel gunstig zouden zijn. Het volledig afwijzen van alle nieuwe eigen middelen zou dus leiden tot hogere afdracht voor Nederland.
Naast het effect op de Nederlandse afdrachten aan de EU weegt het kabinet in de beoordeling ook de stabiliteit en voorspelbaarheid van de grondslagen mee, evenals de uitvoerbaarheid van het voorgestelde eigen middel. Ook wordt gekeken in hoeverre het nieuwe eigen middel aansluit bij Europese en nationale beleidsdoelstellingen. Alomvattend geldt voor Nederland het uitgangspunt van een rechtvaardig, transparant en eenvoudig stelsel van eigen middelen. Het is daarom ook van belang om het geheel van voorstellen in samenhang te wegen, inclusief de MFK-verordening.
Voortgang pakket voor de gemeenschappelijke munt
Conform de wens van de Kamer wordt uw Kamer maandelijks
geïnformeerd over de voortgang van de onderhandelingen over een digitale
euro. Daarnaast is in een Kamerbrief naar aanleiding van het plenaire
debat over de Wet chartaal betalingsverkeer op 14 januari jl. toegezegd
uw Kamer periodiek op de hoogte te houden van de onderhandelingen van
het LTCR-voorstel (verordening inzake contant geld). Deze
informatiestromen zullen worden gecombineerd en de Kamer zal maandelijks
worden geïnformeerd over de voortgang van het volledige pakket voor de
gemeenschappelijke munt, bestaande uit de verordening inzake contant
geld en de verordening betreffende de invoering van de digitale
euro.
In december 2025 bereikte de Raad een akkoord over het pakket voor de gemeenschappelijke munt. Het is nu aan het Europees Parlement (EP) om hierover een positie in te nemen. Het is nog onduidelijk wanneer het Europees Parlement tot een gedeelde positie komt, maar de rapporteur heeft de ambitie uitgesproken om het onderhandeltraject voor het pakket voor de gemeenschappelijke munt in mei af te ronden. Zodra het Europees Parlement een positie heeft bepaald, zullen de triloogonderhandelingen van start gaan. De Kamer zal worden geïnformeerd zodra deze fase start.