Inbreng verslag van een schriftelijk overleg over het Ontwerpbesluit houdende instelling van de Productiviteitsraad (Kamerstuk 32637-740)
Bedrijfslevenbeleid
Inbreng verslag schriftelijk overleg
Nummer: 2026D02859, datum: 2026-01-22, bijgewerkt: 2026-01-26 16:12, versie: 2 (versie 1)
Directe link naar document (.docx), link naar pagina op de Tweede Kamer site.
Gerelateerde personen:- Eerste ondertekenaar: I.J.M. Michon-Derkzen, voorzitter van de vaste commissie voor Economische Zaken (VVD)
- Mede ondertekenaar: H.W. Krijger, adjunct-griffier
Onderdeel van zaak 2025Z21952:
- Indiener: V.P.G. Karremans, minister van Economische Zaken
- Volgcommissie: vaste commissie voor Binnenlandse Zaken
- Voortouwcommissie: vaste commissie voor Economische Zaken
- 2025-12-16 16:00: Regeling van werkzaamheden (Regeling van werkzaamheden), TK
- 2026-01-13 16:45: Procedurevergadering Economische Zaken (Procedurevergadering), vaste commissie voor Economische Zaken
- 2026-01-22 12:00: Ontwerpbesluit houdende instelling van de Productiviteitsraad (Inbreng schriftelijk overleg), vaste commissie voor Economische Zaken
Preview document (🔗 origineel)
INBRENG VERSLAG VAN EEN SCHRIFTELIJK OVERLEG
De vaste commissie voor Economische Zaken heeft een aantal vragen en opmerkingen aan de minister van Economische Zaken voorgelegd over de brief inzake het ontwerpbesluit houdende instelling van de Productiviteitsraad (Kamerstuk 32 637, nr. 740).
De fungerend-voorzitter van de commissie,
Michon-Derkzen
Adjunct-griffier van de commissie,
Krijger
Inhoudsopgave
I Vragen en opmerkingen vanuit de fracties
II Antwoord/ Reactie van de minister
I Vragen en opmerkingen vanuit de fracties
Vragen en opmerkingen van de leden van de D66-fractie
De leden van de D66-fractie merken op dat het lid Sneller tijdens het commissiedebat Verdienvermogen van Nederland op 25 september 2025 een toezegging heeft gekregen dat meerdere vragen in het ontwerpbesluit van de Productiviteitsraad zouden worden beantwoord. In het ontwerpbesluit is echter niet op deze vragen ingegaan. Daarom stellen zij deze vragen hierbij nogmaals aan de minister.
De leden van de D66-fractie vragen of de minister kan aangeven of de publieke sector wordt meegenomen bij het in kaart brengen van de productiviteitsontwikkeling binnen de Productiviteitsraad. Indien de publieke sector buiten de scope valt, kan de minister dan toelichten waarom hiervoor is gekozen, terwijl inzicht in productiviteitsontwikkeling juist ook daar van belang is?
Kan de minister tevens aangeven in hoeverre de aanbevelingen van de Productiviteitsraad ook bedoeld zijn voor sociale partners, bijvoorbeeld als input voor cao-afspraken, met oog voor langetermijnproductiviteit?
Kan de minister tenslotte toelichten hoe gezondheid en preventie worden meegenomen in de analyses van de Productiviteitsraad, mede gezien het belang van gezondheid voor de productiviteit op de lange termijn?
Vragen en opmerkingen van de leden van de VVD-fractie
De leden van de VVD-fractie hebben kennisgenomen van het ontwerpbesluit houdende de instelling van de Productiviteitsraad. Deze leden zijn blij dat is gekozen voor een compact secretariaat. Zij hebben nog een tweetal vragen over het ontwerpbesluit.
De leden van de VVD-fractie vragen wat het totale budget is van de Productiviteitsraad, inclusief de extra onderzoekscapaciteit van de National Productivity Board (NPB) van het Centraal Planbureau, die met de instelling van de Productiviteitsraad wordt vrijgemaakt. Graag ontvangen deze leden hierbij een uitsplitsing naar kostenpost. Heeft de minister al mensen op het oog die zitting zouden moeten nemen in de Productiviteitsraad? Zo ja, kunnen de namen met de Kamer worden gedeeld?
II Antwoord/ Reactie van de minister