Motie van het lid Ceder c.s. over inzichtelijk maken in hoeverre de sectorale beleidsprioriteiten het welzijn van kinderen ten goede komen
Vaststelling van de begrotingsstaat voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingshulp (XVII) voor het jaar 2026
Motie
Nummer: 2026D01507, datum: 2026-01-15, bijgewerkt: 2026-01-16 13:45, versie: 3 (versie 1, versie 2)
Directe link naar document (.pdf), link naar pagina op de Tweede Kamer site, officiële HTML versie (kst-36800-XVII-51).
Gerelateerde personen:- Eerste ondertekenaar: D.G.M. Ceder, Tweede Kamerlid (ChristenUnie)
- Mede ondertekenaar: P. Bamenga, Tweede Kamerlid (D66)
- Mede ondertekenaar: C. Stoffer, Tweede Kamerlid (SGP)
- Mede ondertekenaar: L.A.J.M. Dassen, Tweede Kamerlid (Volt)
Onderdeel van kamerstukdossier 36800 XVII-51 Vaststelling van de begrotingsstaat voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingshulp (XVII) voor het jaar 2026.
Onderdeel van zaak 2026Z00660:
- Indiener: D.G.M. Ceder, Tweede Kamerlid
- Medeindiener: C. Stoffer, Tweede Kamerlid
- Medeindiener: L.A.J.M. Dassen, Tweede Kamerlid
- Medeindiener: P. Bamenga, Tweede Kamerlid
- Voortouwcommissie: TK
- 2026-01-15 15:00: Begroting Buitenlandse Handel en Ontwikkelingshulp (36800-XVII) voortzetting (Plenair debat (wetgeving)), TK
- 2026-01-20 15:00: Stemmingen (Stemmingen), TK
Preview document (🔗 origineel)
| Tweede Kamer der Staten-Generaal | 2 |
| Vergaderjaar 2025-2026 |
36 800 XVII Vaststelling van de begrotingsstaat voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingshulp (XVII) voor het jaar 2026
Nr. 51 MOTIE VAN HET LID CEDER C.S.
Voorgesteld 15 januari 2026
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat kinderen 46% van de bevolking vormen in landen waar ontwikkelingssamenwerking plaatsvindt, maar dat wereldwijd slechts 12% van de ODA-middelen direct op kinderen is gericht;
overwegende dat recente bezuinigingen op ontwikkelingssamenwerking kinderen onevenredig hard raken, met name op het gebied van onderwijs, gezondheid en bescherming, terwijl kindgerichte investeringen tot de meest kosteneffectieve en impactvolle vormen van ontwikkelingssamenwerking behoren;
verzoekt de regering jaarlijks inzichtelijk te maken in hoeverre de sectorale beleidsprioriteiten op het gebied van ontwikkelingssamenwerking het welzijn en de belangen van kinderen ten goede komen, en waar mogelijk kinderen extra aandacht te geven binnen bestaande beleidsprioriteiten,
en gaat over tot de orde van de dag.
Ceder
Dassen
Bamenga
Stoffer