[overzicht] [activiteiten] [ongeplande activiteiten] [besluiten] [commissies] [geschenken] [kamerleden] [kamerstukdossiers] [🧑mijn] [open vragen]
[toezeggingen] [stemmingen] [verslagen] [🔍 uitgebreid zoeken] [wat is dit?]

Antwoord op vragen van het lid Leijten over de sluiting van speciale zwembaden voor gehandicapten

Antwoord schriftelijke vragen

Nummer: 2009D05343, datum: 2009-02-09, bijgewerkt: 2024-02-19 10:56, versie: 1

Directe link naar document (.doc), link naar pagina op de Tweede Kamer site.

Gerelateerde personen:

Onderdeel van zaak 2009Z00197:

Preview document (🔗 origineel)


> Retouradres Postbus 20350 2500 EJ  Den Haag

De Voorzitter van de Tweede Kamer

der Staten-Generaal

Postbus 20018

2500 EA  DEN HAAG

Datum  9 februari 2009

Betreft	Kamervragen

Geachte voorzitter,

Hierbij zend ik u de antwoorden op de vragen van het Kamerlid Leijten
(SP) over de sluiting van speciale zwembaden voor gehandicapten
(2080909250).

Hoogachtend,

de staatssecretaris van Volksgezondheid,

Welzijn en Sport,

mw. dr. J. Bussemaker

Antwoorden op kamervragen van het Kamerlid Leijten over de sluiting van
speciale zwembaden voor gehandicapten.

(2080909250)

1

Wat is uw reactie op het bericht dat zorginstellingen in de
gehandicaptenzorg hun zwembaden afstoten?

1

Het vergroten van de sportparticipatie binnen woon- en zorginstellingen
is een van mijn belangrijkste beleidsprioriteiten uit de beleidsbrief
`De Kracht van Sport'. 

Bij ieder afzonderlijk besluit om een zwembad te sluiten moet goed
gekeken worden naar de reden(en) waarom het zwembad wordt gesloten,
welke alternatieven er aan clienten aangeboden worden en welke
alternatieven er zijn om het zwembad eventueel open te houden.

2 en 4

Erkent u dat het mogelijk moet blijven voor gehandicapten om gebruik te
kunnen maken van een zwembad? Zo ja, hoe gaat u het mogelijk maken dat 

gehandicapten op voor hen verantwoorde wijze kunnen blijven sporten? Zo
nee, waarom niet?

Is de beperking van collectieve voorzieningen in
gehandicapteninstellingen zoals de mogelijkheid tot zwemmen/sporten en
andere dagbestedingen een gewenst resultaat van uw beleid? Zo ja,
waarom? Zo nee, welke maatregelen gaat u treffen om er voor te zorgen
dat het voor instellingen in de gehandicaptenzorg mogelijk blijft om
zwemmen als dagbesteding te blijven aanbieden?

2 en 4

Ik vind het belangrijk dat mensen met een handicap net als mensen zonder
handicap gebruik kunnen maken van een zwembad. De sportparticipatie van
mensen met een handicap blijft immers nog steeds ver achter in
vergelijking met mensen zonder beperking. De verantwoordelijkheid voor
sportaccommodaties en zwembaden ligt evenwel op lokaal niveau, bij
gemeenten of zoals in het onderhavige geval bij particuliere eigenaren,
waarop ik geen invloed heb.

In mijn  beleidsbrief `de Kracht van sport' noem ik als een van mijn
belangrijkste beleidsprioriteiten de verhoging van de sportparticipatie
van mensen met een beperking. Ik heb Gehandicaptensport Nederland
gevraagd om de komende jaren een programma uit te voeren, waarin zij
zich richt op woon- en zorginstellingen voor mensen met een
verstandelijke handicap. In 2010 heb ik als doel gesteld dat alle woon-
en zorginstellingen voor mensen met een verstandelijke handicap een
actief sport- en beweegbeleid voeren ter stimulering van een actieve en
gezonde leefstijl van hun bewoners. Zwemmen maakt ook deel uit van dit
programma.

3

Is het waar dat door de bezuiniging van ondersteunende en activerende
begeleiding in de AWBZ en het invoeren van de zorgzwaartebekostiging
(ZZP's) het voor gehandicaptenorganisaties moeilijk is geworden om
collectieve voorzieningen te treffen voor hun bewoners? Kunt u uw
antwoord toelichten?

3

Navraag bij organisatie Dichterbij wijst uit dat wijzigingen in de AWBZ
niet van invloed zijn geweest op het besluit de zwembaden af te stoten.
Los van de invoering van de zorgzwaartebekostiging of de maatregelingen
ten aanzien van ondersteunende en activerende begeleiding is dit besluit
genomen.

Het besluit van Dichterbij om de zwembaden af te stoten is vooral een
gevolg van het beleid rond deconcentratie. Omdat er op het intramurale
instellingsterrein steeds minder clienten woonachtig zijn, neemt ook het
gebruik van het zwembad af. De clienten die nu `in de wijk' woonachtig
zijn, maken in mindere mate gebruik van het zwembad van de instelling en
maken meer gebruik van reguliere zwembaden. 

De kosten verbonden aan de instandhouding van de zwembaden -bijvoorbeeld
de energie- en personeelskosten- zijn hoog, terwijl de bezettingsgraad
van het zwembad door de integratie afgenomen is. Hierdoor is het voor de
instelling niet langer rendabel om het zwembad op het instellingsterrein
in stand te houden.

Dit betekent in dit geval niet dat het zwembad verdwijnt. Dichterbij
spant zich in om een goed alternatief voor clienten te realiseren.
Dichterbij is dan ook in overleg met geinteresseerde partijen die het
zwembad willen overnemen en exploiteren. Er zijn aanbieders
geinteresseerd in het combineren van zwemmen met bijvoorbeeld
fysiotherapie of fitness. Dichterbij wil bij deze geinteresseerde
aanbieders de voorwaarde bedingen dat clienten van Dichterbij gebruik
kunnen blijven maken van het zwembad.

 Trouw, 7 januari 2009: ``Zonder zwembad geen sportactiviteiten meer;
Gehandicaptenzorg Speciale baden voor gehandicapten gaan dicht''.

 Instellingsterrein in Velp: van 320 naar 80 clienten.
Instellingsterrein in Ottersum: van 1.200 naar 250 clienten.

Bezoekadres:

Parnassusplein 5

2511 VX  DEN HAAG

T	070 340 79 11

F	070 340 78 34

www.minvws.nl

Ons kenmerk

DLZ-K-U-2906630

Bijlagen

1

Uw brief

12  januari 2009

Correspondentie uitsluitend richten aan het retouradres met vermelding
van de datum en het kenmerk van deze brief.