[overzicht] [activiteiten] [ongeplande activiteiten] [besluiten] [commissies] [geschenken] [kamerleden] [kamerstukdossiers] [🧑mijn] [open vragen]
[toezeggingen] [stemmingen] [verslagen] [🔍 uitgebreid zoeken] [wat is dit?]

Antwoord op vragen van het lid Schippers over de weigering van ziekenhuizen om mortaliteitcijfers te publiceren

Antwoord schriftelijke vragen

Nummer: 2009D04175, datum: 2009-02-02, bijgewerkt: 2024-02-19 10:56, versie: 1

Directe link naar document (.doc), link naar pagina op de Tweede Kamer site.

Gerelateerde personen:

Onderdeel van zaak 2008Z08345:

Onderdeel van activiteiten:

Preview document (🔗 origineel)


> Retouradres Postbus 20350 2500 EJ  Den Haag

De Voorzitter van de Tweede Kamer

der Staten-Generaal

Postbus 20018

2500 EA  DEN HAAG

Datum  2 februari 2009

Betreft	Kamervragen

Geachte voorzitter,

Hierbij zend ik u de antwoorden op de vragen van het Kamerlid Schippers
(VVD) over de weigering van ziekenhuizen om mortaliteitcijfers te
publiceren (2080906830).

Hoogachtend,

de minister van Volksgezondheid,

Welzijn en Sport,

dr. A. Klink

Antwoorden op kamervragen van het Kamerlid Schippers over de weigering
van ziekenhuizen om mortaliteitcijfers te publiceren.

(2080906830)

1

Heeft u kennisgenomen van het artikel `veel ziekenhuizen houden hun
sterftecijfers angstvallig geheim' 1), waaruit blijkt dat de meeste
ziekenhuizen weigeren de mortaliteitcijfers (HSMR) te publiceren? 

1

Ja.

2

Deelt u de mening dat mortaliteitcijfers, mits gecorrigeerd op een
aantal relevante factoren, omdat zij geplaatst moeten worden in een
bepaalde context, omdat een ziekenhuis waar zware kankerpatienten worden
behandeld nu eenmaal een andere mortaliteit kent dan een basisziekenhuis
in de regio, een belangrijke indicatie zijn van de kwaliteit van zorg in
een bepaald ziekenhuis en dat patienten in het licht van de beoogde
transparantie recht hebben op deze informatie? 

2

Mortaliteitscijfers kunnen een belangrijke indicatie zijn voor de
kwaliteit van zorg in een ziekenhuis. In het rapport `De toepasbaarheid
van de HSMR in het toezicht van de Inspectie voor de Gezondheidszorg
(IGZ)' van Prismant worden de mogelijkheden van het gebruik van de HSMR
door de IGZ beschreven. Hierin wordt aangegeven dat eerst aan een aantal
voorwaarden voldaan moet zijn, om de HSMR als valide indicator voor de
kwaliteit van zorg in te zetten. Zo moeten er geregistreerde gegevens
van voldoende kwaliteit zijn, moet voldoende sterfte vallen binnen de 50
diagnosegroepen die in de HSMR-berekening worden meegenomen en moet het
ziekenhuis een casemix hebben die niet teveel van het landelijk
gemiddelde afwijkt.

Voordat ziekenhuizen landelijk vergeleken kunnen worden, moet ten
aanzien van de betrouwbaarheid van de gegevens nog een verbeterstap
gemaakt worden. Zo moet een deel van de ziekenhuizen haar cijfers beter
registreren. Voor 14 van de 102 ziekenhuizen blijkt uit het Prismant
rapport dat ze zo'n afwijkende casemix hebben dat ze zelfs dan niet goed
meegenomen kunnen worden in een landelijke vergelijking. 

In het Prismant rapport wordt aangegeven dat ook de IGZ zich goed moet
voorbereiden, op het gebied van procedures en competenties, om thuis te
raken in de HSMR. De IGZ moet precies weten wanneer mortaliteitcijfers
iets kunnen zeggen over kwaliteitsverschillen tussen ziekenhuizen. 

Waar dit voor inspecteurs geldt, is dit zeker zo voor patienten.
Transparantie voor patienten/clienten is een van de kerndoelstellingen
van mijn beleid, maar ik vind het belangrijk dat de patient betekenisvol
kiezen kan. Anderzijds wil ik onnodige onrust vermijden. Op dit moment
worden de gegevens daarom gebruikt voor interne kwaliteitsverbeteringen
en zijn ze nog niet openbaar. Ziekenhuizen kunnen aan de IGZ aangeven of
ze gebruik maken van de HSMR, hetgeen indicatief is voor de interne
kwaliteitsborging van ziekenhuizen. Een expertgroep van partijen uit het
veiligheidsprogramma ziekenhuizen heeft zich over verdere ontwikkeling
en toepassing van de mortaliteitcijfers gebogen. Eind februari zullen
hierover op bestuurlijk niveau tussen deze partijen en de IGZ afspraken
worden gemaakt.

3

Vindt u het een logische situatie dat de informatie over doorligwonden,
ondervoeding of ziekenhuisinfecties zeer laagdrempelig te vinden is,
maar dat essentiele informatie over de veiligheid van een bepaald
ziekenhuis niet beschikbaar is? 

3

Zie het antwoord op vraag 2. Problemen ten aanzien van de
betrouwbaarheid van de registratie en de interpretatie van de gegevens
bij de HSMR, impliceren dat er geen essentiele informatie wordt
achtergehouden.

4

Wat is uw mening over het feit dat ziekenhuizen hun personeel gerichte
trainingen geven voor het geval er lastige vragen worden gesteld door
journalisten over mortaliteit in het desbetreffende ziekenhuis?

4

Ik juich het toe als de voorlichting van ziekenhuizen
geprofessionaliseerd wordt en ziekenhuispersoneel leert hoe ze de pers
te woord moeten staan.

5

Kunt u reageren op de reacties van de ziekenhuizen enerzijds, dat de
cijfers niet betrouwbaar genoeg zouden zijn voor publicatie en de visie
van een aantal deskundigen anderzijds 2) , die dat weerleggen? 

5

De HSMR cijfers worden steeds betrouwbaarder en daarmee bruikbaarder
voor het doel. Zoals bij antwoord 1 beschreven zijn er echter nog
aandachtspunten, waarover een expertgroep zich momenteel buigt.

6

Hoe verklaart u, in het licht van bovenstaande, dat enkele ziekenhuizen
in Nederland, waaronder het Martini Ziekenhuis in Groningen, totaal geen
bezwaar hebben tegen publicatie van de HSMR (Hospital Standardised
Mortality Ratio), en bevestigt dit gegeven niet dat het uitgangspunt van
publicatie van deze gegevens, namelijk zicht op kwaliteit, juist is? 

6

Elk ziekenhuis is vrij om de HSMR cijfers naar buiten te brengen. Met
name ziekenhuizen met een lage HSMR waarde doen dat op dit moment. Ik
vind het belangrijk dat deze cijfers betrouwbaar en interpreteerbaar
voor de patient zijn, zodat ze daadwerkelijk zicht bieden op
kwaliteitsverschillen, voordat ik hierin verdere stappen zet. 

7

Wat is, in vervolg daarop, uw mening over het gegeven dat de HSMR in de
VS, Australie, Canada en Groot-Brittannie al jarenlang openbaar is, en
gezien wordt als een belangrijke kwaliteitsgraadmeter voor ziekenhuizen,
waarbij bijvoorbeeld in Groot-Brittannie in de praktijk al gebleken is
dat deze openbaarheid van gegevens leidt tot grote kwaliteitsverbetering
bij zeer slecht presterende ziekenhuizen? 

7

Ik ben er verantwoordelijk voor dat de kwaliteit in Nederlandse
ziekenhuizen zo betrouwbaar mogelijk in kaart wordt gebracht. De HSMR
zou hier mogelijk voor ingezet kunnen worden. Voor een zorgvuldige
toepassing is echter tijd nodig. Ziekenhuissystemen en registraties zijn
niet van alle landen 1 op 1 vergelijkbaar. 

8

Hoe kijkt u aan tegen de rol van de Inspectie voor de Gezondheidszorg
(IGZ) in deze? Acht u  het verdedigbaar dat de IGZ ziekenhuizen
nadrukkelijk verzoekt de sterftecijfers niet schriftelijk te
verstrekken, omdat dit de mogelijkheid creeert voor derden om op basis
van de Wet openbaarheid van bestuur inzicht te krijgen? 

8

Ik deel de opvatting van de IGZ dat de cijfers in deze fase slechts
gebruikt worden voor de interne kwaliteitsborging.

9

Kunt u uw antwoorden geven in de context van uw topprioriteit, namelijk
verbeteren van kwaliteit, van veiligheid, en van transparantie?

9

Dat heb ik gedaan.

1) GPD, 29 november 2008 

2) Gert Westert, bijzonder hoogleraar kwaliteit van de gezondheidszorg

Bezoekadres:

Parnassusplein 5

2511 VX  DEN HAAG

T	070 340 79 11

F	070 340 78 34

www.minvws.nl

Ons kenmerk

CZ-K-U-2899804

Bijlagen

1

Uw brief

4 december 2008

Correspondentie uitsluitend richten aan het retouradres met vermelding
van de datum en het kenmerk van deze brief.